Herwig Kelchtermans

 
Henri Peeters

Geleerd van de zwaluwen

’s Morgens sta ik heel vroeg op om te gaan werken. In een logistiek bedrijf is er geen tijd om stil te zitten. Elke dag stressen tegen de tijd om alles rond te krijgen. Dat is geen keuze, dat is een kwestie van moeten, om den brode.’

Al verschillende jaren is Herwig Kelchtermans een regelmatige Brug-ganger. Tot voor kort was hij ook drijvende kracht achter de KNIB. Nu versterkt hij de bassen van de cantorij.

‘Ik ben geboren in een christelijk arbeidersgezin in de Mechelse binnenstad. Wij waren met zes thuis, ik heb een zus en twee broers. Van kindsbeen af stuurden mijn ouders mij naar de scouts. Ik ben ze daar nog steeds dankbaar voor. Daar leerde ik zelfstandig te zijn en rekening te houden met anderen. Ik heb ook in de leiding gestaan. Eigenlijk voel ik mij tot op vandaag ‘paraat’ en ‘gedreven’ om die idealen van toen verder te dragen. Zeg maar om op die manier mee te werken aan bevrijding en hoop in Jezus’ geest.
In het begin van de jaren negentig trok ik weg uit mijn familienest om mijn eigen weg te gaan. Het leven is mij nooit genoeg. Wat beter, waarachtiger en hechter kon, zou en moest gebeuren, al naargelang mijn mogelijkheden. Een zwaluw blijft ook haast nooit op zijn nest zitten, neen? Zo wil ik ook als gelovige zijn: bij nieuwe levensfasen er op uit trekken om meer de mens te worden die God voor ogen heeft.

Je leeft alleen?
‘ Dat is niet altijd gemakkelijk. Door de jaren leer je meer harmonie en leerde ik mezelf te aanvaarden. Goed dat ik vrienden heb. Een groep gelovige, zoekende mensen. Zij zijn een ankerplaats voor mij. Ik wil er ook voor hen blijvend zijn. Ik voel mij dankbaar om wie elkaar niet uit het oog verliezen, om wie luisteren naar ieders aanvoelen en dat eerbiedigen. Ik wil iets doen en het beleven samen met anderen. Het heeft te maken met vertrouwen in mensen. In de boodschap van Jezus vond ik dat vertrouwen ook. Voor iedereen zonder onderscheid was hij goed, bron van vriendschap en liefde. Een levende oproep om steeds weer weg te trekken uit ons eigen, besloten wereldje.’

En op een dag kwam je in De Brug aangewaaid.
‘ Op 27 maart 1997 kwam ik voor de eerste keer naar de Brug, een Witte Donderdag. De vorm sprak mij aan, maar ik zocht ook zelf actief deel te nemen. Zo ben ik bij kindernevendienst en later bij de cantorij terechtgekomen. Nu de KNIB er niet meer is … vraag ik me wel af hoe kinderen, jongeren er nog een plaats kunnen vinden. En als schriftuitleg spreekt een getuigenis uit het leven mij nog altijd meer aan dan een theologisch hoogstandje waarmee mijn gevoel in de kou blijft staan. Ach, ik heb niet alle waarheid in pacht. Maar ik wil niet gaan zweven, mijn voeten op de grond houden. En in het leven dag aan dag tussen de vieringen door zélf mensen paaservaringen te bezorgen.’